In een boek van Leonard Koren over Wabi Sabi las ik de quote ‘pare down to the essence but don’t remove the poetry‘.

Op weg naar een simpeler leven heb ik wel eens gedagdroomd over gewoon helemaal volledig opnieuw beginnen. Alles achter ons laten en beginnen ‘from scratch’. Natuurlijk was dat niet mogelijk. Of wenselijk. Of een serieuze optie. Gelukkig kunnen we aan dingen denken zonder ze daadwerkelijk uit te willen hebben of uitvoeren.
Mede door wat we zien op internet en vooral sociale media, hebben we een heel verkeerd beeld gekregen van hoe onze huizen en onze levens die zich daarin afspelen eruit zien. Altijd lege oppervlakken, opgeruimde keukens en nooit ontsporende kledingkasten, schoenenkasten of collecties zijn een illusie, zeker als we ons huis met meerdere mensen delen en alles in matchend greige want stel je voor dat je iets hebt dat je aanspreekt zonder de goedkeuring van het algoritme.
Maar… in een gestyled perfect plaatje voor de buitenwereld is ook geen poëzie. Daarin is gestylede maar niet houdbare ‘perfectie’. De poëzie zit in de chaos en de gekke dingen die niet in het perfecte plaatje passen. De dingen die we meestal niet delen op sociale media. Of waar dan ook.

De dingen waaraan mensen zien dat er daadwerkelijk mensen in een huis wonen, en wat die mensen dan graag doen en belangrijk en mooi vinden.

In een schattig kerststukje in een goud potje bestrooid met glitter, gemaakt op de juleverksted (kerstwerkplaats) bij de tante van een klasgenootje. In het bakje met babykleertjes achter in de klerenkast dat je soms pakt en bekijkt. In niet matchende bekers voor warme chocolademelk. In tekeningen op de ramen. In de deken die oma haakte, tien jaar geleden toen de jongste geboren werd. De geur van een stoofpot of een cake in de oven. Een verlaten stilleven van Sylvanian Families en hun huisraad waar de halve dag mee is gespeeld en niet opgeruimd. Een kat die in de vensterbank ligt te zonnen. En verharen. Een flakkerend vlammetje van een kaars. Aangebrande karamel op tafel -en in de lamp- na het versieren van peperkoekhuisjes. De foto’s boven het bed van DL3 die ze zelf heeft opgehangen. Zelfgemaakte versieringen in de kerstboom. Altijd te veel jassen aan de kapstok en schoenen op de mat. De kerstman met zijn uitschuifbenen die het hele jaar door het huis zwerft omdat het zielig is hem op zolder te zetten. De vlek op de muur van toen een kind daar inkt morste. Het kitscherige schilderijtje in de gang dat altijd een (mentale) glimlach opwekt bij het binnenkomen. De nergens bij passende maar vrolijke schaaltjes voor liflafjes. Legopoppetjes in plantenbakken. Ramen met vingerafdrukjes aan de onderkant. De kwakkelende plant die je terug tot leven probeert te brengen. De babyfoto’s bij vriendin L van de inmiddels volwassen kinderen op het toilet, die daar al 15 jaar hangen (de kiekjes, niet de kindjes). Pantoffels met een gat. Een familie katten van klei die staat te drogen op de kachel. Een bak met random lectuur waarvan je hoopt dat het interesse opwekt bij huisgenoten. De uitvergrote foto van de mooiste zonsondergang ooit tijdens die heerlijke vakantie. De pot met muntgeld waarvan je in de zomer een dagje weg financiert.
Enfin, dat idee dus.
De dingen die de online wereld probeert weg te poetsen. En ja, ik houd ervan als de spullen in kastjes staan, als oppervlakken leeg zijn, als de kerstboom weer naar zolder is, als alles schoon en fris is enzovoort maar ik weet ook dat het juist die dingen zijn, die ik niet zou willen missen.
De dingen die aangeven dat we hier leven en dingen doen en onszelf kunnen zijn.
De poëzie, als je het zo wil noemen.
