Sommige dingen hebben we elke dag nodig: ons bed, snijplank, mes, pan, schoenen… Andere dingen hebben we niet nodig maar willen we ook absoluut niet missen, zoals een warme douche, telefoon, wifi en koffie. Die dingen missen lijkt ons vreselijk.
Ik houd er niet van als iets macht over me heeft in die zin. Ik wil niet bang zijn om iets niet meer te hebben, ik wil weten dat ik ook aangenaam kan leven zonder.
Daarom is een periode zonder iets doen, een goede oefening in non-attachment en minimalisme.
Een tijdje geen koffie drinken. Drie maanden lang alleen maar noodzakelijke spullen kopen. Geen alcohol drinken. Geen suiker eten. Je telefoon overdag of ’s avonds in een andere ruimte leggen. Een paar uur in stilte doorbrengen. De wifi uitzetten overdag. De temperatuur in huis met een paar graden verlagen. Niet langer dan vijf minuten douchen. Koud douchen. Een maand geen vlees eten. Een dag de stroom uitzetten. De auto laten staan.
Je zal merken: zo erg is het allemaal niet. In het begin is het vervelend maar je hang ernaar is vooral een gewoonte. Je redt je prima zonder, in elk geval voor een tijdje in het geval van stroom. En vind je het vreselijk? Dan is dat misschien een goede reden om door te zetten. De betovering kan worden verbroken als je je er toe zet.
En nee, een leven zonder stroom lijkt me niet ideaal maar na een dag zonder, raak je niet in paniek als het er een keer een half uurtje niet is. Gewoon genieten van de rust en lachen om je paniekerige buren (en het feit dat jij wel zo slim was om voorbereid te zijn met je campinggaz-stelletje en houtkachel)
Het brengt een hernieuwde waardering voor die dingen als ze er wel zijn en het leert je dat je sterker bent dan de dingen waar je denkt niet buiten te kunnen. Je kan dat namelijk best.
En misschien besluit je wel om het helemaal op te geven.
Wat je ervoor terug krijgt is alleen maar positief: meer zelfredzaamheid, meer gezondheid, meer geld over aan het einde van de maand, meer helderheid, meer overzicht in je huis en financiën, meer eigenwaarde en een betere nachtrust.
Vrede met wie je bent, hoeveel mensen hebben dat? Ik denk dat internet maar vooral sociale media -en daarvoor natuurlijk al televisie en tijdschriften- ons verward hebben gemaakt over wie we zouden moeten zijn en wat we daarvoor moeten kopen, kopen, kopen. Alsof we als onszelf niet goed genoeg waren.
De wereld vertelt dat we onze persoonlijkheid moeten uitdrukken middels de spullen die we consumeren maar…. who cares om onze persoonlijkheid behalve onze allernaasten en zo lang we vriendelijk en beleefd zijn tegen de rest van de wereld?
Vroegah, toen mensen veel minder spullen bezaten en veel simpeler leefden, waren mensen een stuk creatiever en eigenzinniger dan nu.
Het idee dat we onze persoonlijkheid uitdragen door wat we consumeren is het gevolg van decennialang indoctrinatie en marketing. Natuurlijk hebben we allemaal onze voorkeuren maar zouden we die niet vooral voor onszelf moeten hebben? We slikken allemaal braaf wat ons wordt voorgehouden door de algoritmes, de reclame, de mooie plaatjes.
Aan mensen die een innerlijke vrede bezitten, die tevreden zijn met het leven dat ze hebben en met wie ze zijn, wat ze bezitten en waar ze zijn in het leven verkoop je niks: geen nieuwe bankstellen om de buren jaloers te maken, meditatieretraites, zelfverbeteringscursussen of seminars waarop je de aandelenmarkt leert voorspellen, trendy kleding, serums van 50 euro per flesje of andere fantasy-self rommel.
Mensen die niet bezig zijn met uitdragen wie ze zijn door middel van hun spulletjes, zijn in mijn ogen paradoxaal genoeg de meest interessante mensen.
Stop met kopen en stop met denken dat je niet genoeg bent. Stop met het idee dat je spullen nodig hebt om te communiceren wie je bent. Stop met denken dat er altijd een betere versie van jezelf is die uiteindelijk vooral meer van een ander is. Stop met jezelf verbeteren. Stop met het proberen jezelf in een andere kledingstijl te proppen, met je huis in te richten zoals die-en-die, met verlangen naar het leven van een ander en omarm genoeg.
Omarm wie je bent. Heb meer interesse in jezelf en minder in hoe anderen je waarnemen.
Minimalisme heeft me doen inzien dat er zo veel vrede te vinden is in tevreden zijn met wat ik heb en uiteindelijk ook wie ik ben. Als je stopt met leven voor de buitenwereld en begint met leven voor je innerlijke wereld, vind je uiteindelijk het pad terug naar jezelf. Een zelf dat niet meer hoeft te worden uitgedrukt door middel van meer.
Meer is beter, wordt ons voorgehouden. Die vreselijke Stanleycup rage is hier een triest voorbeeld van maar we zijn er bijna allemaal schuldig aan. Afwisseling geeft kleur aan het leven, wordt gezegd.
Zijn dat werkelijk de dingen die ons leven kleur geven? Natuurlijk niet. Als ik kijk naar de levens van mensen van 100 jaar geleden, zie ik mensen die decennialang of zelfs hun hele leven deden met dezelfde spullen maar zo met zo veel meer creativiteit, schoonheid, vakmanschap en kunde dan nu!
waarom spullen zich vermenigvuldigen
Lippenstiften, nagellak, koffiekoppen, beddengoed en handtassen lijken zich bijna als vanzelf te vermenigvuldigen, juist omdat het van die makkelijke dingen zijn om te kopen. Je hoeft het niet te passen, het is niet heel duur en het kan een outfit -of slaapkamer- er in een handomdraai mee veranderen. Die kleine dingen voelen als een cadeautje aan jezelf als je ze koopt.
Het zijn ook precies de dingen waarmee we gelokt worden in winkels. Met lage prijzen, prachtige, chique, schattige, grappige en interessante patronen, goede advertenties en allerlei beloftes.
Toch is het, als we een minimalistisch leven nastreven, goed om te beseffen dat een exemplaar alles is dat we nodig hebben. Het maakt het leven zo veel overzichtelijker, als we onze kasten niet vullen met talloze back-ups.
Van veel dingen, heb ik een exemplaar. Een zeer gewaardeerd exemplaar. Soms kostte het wat proefritten om het juiste te vinden maar als ik eenmaal iets passends vind, hoef ik me er nooit meer druk te maken. Een paar voorbeelden:
Soms week ik af om vervolgens weer uit te komen waar ik begon, zoals bij mijn geliefde koffiekop. Precies dik genoeg, de hoogte houdt de koffie lang warm, het oor is makkelijk vast te houden, het materiaal is aangenaam om uit te drinken. Saai, maar perfect.
Mijn vulpen. Niet de meest chique maar ideaal voor mijn linkse hand, en in combinatie met Herbin inkt heerlijk om mee te schrijven. Vlekt niet, blijft niet hangen in het papier, licht van gewicht… ideaal.
Herdersmes. Snijdt alles, van watermeloenen tot brood.
Mijn handtas. Precies groot genoeg, lichtgewicht, met een rits, een paar vakjes, een verstelbare schouderband, vrolijk en regenbestendig.
Linnen beddengoed. Een investering die gelukkig jaren meegaat. Linnen is verkoelend in de zomer en heerlijk warm in de winter, in tegenstelling tot katoen dat voor mij altijd of te zweterig, of te koud voelt.
Lippenstift. Van de Hema (ik heb een paar exemplaren op voorraad want zo vaak kom ik daar niet) en ik draag die al jaren. Ik heb geen zin om nog meer roodbruine lippenstiften te proberen die te bruin, te rood, te droog of te plakkerig blijken. Goed is goed hè?
Veelzijdigheid is alles
Als je je wilt beperken tot een exemplaar, is veelzijdigheid belangrijk. Een koffiekop die ’s ochtends vroeg noch aan het kerstdiner uit de toon valt. Een klassieke kleur nagellak. Accessoires die passen bij je feestjurk maar ook je jeans. Plaids die je op een zomeravond buiten kan gebruiken maar die ook niet ‘clashen’ met de kerstboom.
Kiezen is lastig want er zijn zo veel mooie, goede spullen en zo veel verleidingen. Wat we kiezen in een opwelling, is zelden wat we echt willen of nodig hebben. Ik merk dat ik tijdloze dingen nooit zat word terwijl spannende dessins en opvallende kleuren me na een tijdje irriteren, hoe mooi ze ook zijn.
Als we de tijd nemen om bij onszelf na te gaan wat we willen dat een product voor ons doet, wordt het duidelijk wat we nodig hebben en blijkt vorm niet belangrijker dan functie. In een ideale wereld, vinden we iets dat op beide vlakken perfect is.
Tijdloos en doorleefd
Ik vind het mooi als mensen altijd dezelfde look of spullen hebben. Een ‘signature’ outfit, kleur, make-up of stijl. Ik ken haar verder niet maar niemand kan zeggen dat Ans Markus met haar eeuwige rode lippen en zwart omlijnde ogen, een saaie verschijning is. Of Audrey Hepburn, met haar zo herkenbare stijl. Een leren tas die gerepareerd is. Een wollen jas die overduidelijk al vele winters heeft gezien. Een bank met slijtage op de plekken waar we het liefste zitten. We hebben niet steeds iets anders of iets nieuws nodig.
In een land met uitgesproken seizoenen en vijftig graden verschil tussen de hoogste en laagste temperatuur kan je niet toe met alleen maar seizoenloze kleding maar we kunnen wel zo veel mogelijk uit de kleding halen die we aanschaffen zodat we minder nodig hebben.
Als je doel is om zo min mogelijk nodig te hebben, is het vermijden van al te seizoensgebonden kleding een goed idee. Het wordt hier tot ongeveer -20 en dan red ik het niet met een paar laagjes en wil ik gewoon een dikke warme trui en als het in de zomer 25 graden is wil ik een paar ballerina’s maar voor alle niet extreme warme of koude, heb ik kleding en schoenen die ik altijd kan dragen.
Een eigen stijl
Kleding is zo persoonlijk en ik wil niet verkondigen dat iedereen in neutrale kleuren moet lopen maar als meer met minder je doel is kom je toch uit op niet op niet al te veel van elkaar verschillende kleuren en stijlen. Of dat nu eeuwig zwart is *steekt hand op* of kakelbont, zoals Prue Leith. Ze heeft ongetwijfeld flink wat kleding maar een heel uitgesproken eigen stijl die ook perfect zou werken met maar 30 items omdat ze zo’n consequente, uitgesproken eigen stijl heeft die heel het jaar goed werkt. Diane in Denmark besloot zich te beperken tot een paar kleuren die haar perfect staan, wat haar hele garderobe kleiner, eenvoudiger, interessanter en stijlvoller maakte, door de seizoenen heen.
Wat tips:
Let niet op lijstjes met wat je zou moeten hebben. Ik wil geen trenchcoat, blazer, kaki broek, overhemd, twinset, slackers, beige, donkerblauw, motorjack, jeans of t-shirts. Je weet het zelf het beste, dus laat je niet anders wijsmaken
Bekijk wat de kledingstukken die je altijd draagt, met elkaar gemeen hebben (kleuren, stoffen, textuur, pasvorm, lengte, stijl etc)
En wat met de kleding die je altijd uittrekt nadat je het even hebt aangehad? Dat is je richtlijn voor wat je wel en niet moet kopen
Koop alleen nieuwe kleding als het bij minstens 2/3e van je garderobe past
Beperk je tot een handvol kleuren en zorg dat deze in dezelfde ‘kleurfamilie’ zitten (dus geen pastels en aardetinten en juwelenkleuren)
Vermijd kleding met seizoensgebonden dessins (ugly christmas sweaters en jurkjes met watermeloenprint). Niets mis mee, maar als je doel is om zo min mogelijk te hebben niet echt een optie.
Koop kleding voor het leven dat je hebt, niet wat je wilt hebben (vijf paar sexy hakken op het Noorse platteland is onzin, bijvoorbeeld)
Kies multifunctionele kleding, bijvoorbeeld een top die in de zomer als bovenlaag en in de winter als onderlaag kan gebruiken, een klassieke broek waar je op koude dagen een panty onder kan dragen, kasjmier dat zowel in de zomer als in de winter mooi staat (in tegenstelling tot dikke wollen truien) etc.
Kies functionele maar mooie buitenkleding: veel outdoormerken hebben een lijn die niet ‘outdoorkleding!!!’ schreeuwt maar die wel de isolerende, windstoppende, waterdichte eigenschappen heeft ervan, die tegelijkertijd niet misstaat bij een meer formele outfit
Een 3-in-1 jas is een regenbestendige bovenlaag met een warme onderlaag die in elkaar geritst, of los van elkaar gedragen kunnen worden
Als je een langere jas kiest, hoef je niet na te denken over of je jas wel bij je outfit past want hij bedenk toch het meeste
Met een fleecegevoerde panty met nude-look (zoals deze) kan je jurken en rokken ook op de meest koude winterdagen dragen zonder dat je er opgepropt uitziet
Er was een tijd dat van alles met me meesjouwde. Ik had een rugzakje dat ook een Undetectable Extension Charm leek te zijn ondergaan, net als het tasje van Hermione Granger in Harry Potter. Wat er allemaal in paste! De man heeft het er nu nog af en toe over.
Al heel lang draag ik zo min mogelijk met me mee. Ook toen de kinderen klein waren. In de auto lag meestal een set schone kleren en in mijn tas had ik een luier en doekjes maar het idee van een luiertas heb ik nooit zo begrepen. Hoeveel stel-dats moet je meeslepen met een baby?
Ik neem nooit meer mee dan nodig:
Telefoon (niet altijd)
Opvouwbare boodschappentas
Autosleutels (als ik met de auto ga)
Portemonnee (met rijbewijs en bankpas en cash)
Waterfles (als ik langer weg ga, anders drink ik thuis een glas water)
Soms een lippenstift, hangt af van waar ik heen ga
Wat ik niet meeneem:
Huissleutels: we doen de deur nooit op slot
Oordopjes of headset (al is het maar omdat ik bang ben en publique mee te gaan zingen)
Snoep of kauwgum
Horloge
Tampons (ik gebruik een cup)
Telefoonladers
Haarborstels: ik doe mijn haar thuis in een staart
Laders: ik laad elke ochtend mijn telefoon op en die gaat nooit leeg
Cosmetica, anders dan bovengenoemde lippenstift
Eigenlijk alles wat ik niet wel meeneem
Ik hoef niet onderweg mijn make-up bij te werken, mijn haar te doen, een kanten kleedje te knippen, een boek te schrijven, mijn telefoon te laden, van ondergoed of schoenen te wisselen, ergens een steekje aan te zetten, of iets vast te maken met een veiligheidsspeld. Dat kan allemaal wachten.
Zodra ik thuis kom, haal ik bonnetjes en verpakkingen uit mijn tas. Als het nodig is, maak ik een foto van een bon en mail die naar mezelf voor in het mapje met garantiebewijzen. Ik klop hem uit en hang hem weer aan de kapstok.
Ruim de rommel op!
Het is niet goed voor je als je je, op zoek naar je lippenstift, een weg moet graven door proefmonsters, snoeppapiertjes, een folder van een politieke partij, gebruikte servetjes, half aangebroken pakjes kauwgom, drie vies geworden lippenbalsems, vettige elastiekjes, vijf boodschappenbriefjes, een ons kassabonnen, kapotte sleutelhangers, een schoenzool , een recept voor medicijnen die je vijf weken geleden had moeten halen en Joost mag weten wat er allemaal op de bodem ligt. Doe het weg!
Een overzichtelijke tas maakt je dag gewoon echt veel beter.
Minimalistische portemonnee
Wat betreft die minimalistische portemonnees: je kan er een berg geld aan uitgeven, of je kan simpelweg de overbodige zooi uit je huidige portemonnee halen. Bewaak je privacy en peace of mind en doe je klantenkaarten weg, laat pasjes thuis die je niet nodig hebt en stop foto’s in een lijstje. Verzamel kleine muntjes in een pot en lever die in bij de bank als deze vol is (kan dat nog in Nederland?)
Neem de sleutels mee die je nodig hebt en laat de rest thuis. Bevestig ze eventueel aan een haakje in je tas zodat je ze niet kwijt kan raken. Sleutels verliezen is stressvol, zeker als je meteen al je sleutels (inclusief die van je buren, je werk en de motorclub) kwijt bent dan.
Boodschappentassen
Ik heb een flinke hoeveelheid opvouwbare boodschappentassen. Ja, een linnen of rieten exemplaar is mooier maar met zes mensen en vier katten doe ik nogal veel boodschappen en dan prefereer ik wasbaarheid, lichtheid, een flink volume en opvouwbaarheid boven esthetiek.
Leef lichter
Je hebt bijna niets nodig die paar uurtjes dat je weg bent. Je hoeft niet overal op voorbereid te zijn. Het is in mijn ogen minder vervelend om een enkele keer iets niet te hebben dan constant een zware last te dragen, letterlijk en figuurlijk. ‘Mijn hele leven zit in mijn tas’ zeggen mensen en dan denk ik: haal het er dan uit! Maak jezelf niet zo kwetsbaar, ook.
Natuurlijk is het persoonlijk wat je meeneemt. Misschien kan je niet zonder lenzenvloeistof of epi-pen of muziek op je hoofd. Het leven is echter makkelijker als je gewoon meeneemt waar je niet zonder kan, in plaats van alles bij je te dragen waarvan je denkt het eventueel nodig te kunnen hebben.
Kamerplanten zijn mooi en leuk en gezellig. Ze zijn goed voor ons omdat ze zuurstof uitademen en giftige stoffen uit de lucht halen (hoewel je wel heel veel planten moet hebben om daar het effect van te merken) en omdat we blij worden van groene dingen zien. Ze zijn niet duur en als je vijf minuten de moeite neemt om te kijken hoe vaak een plant water wil, waar ie graag staat en hoe vaak je hem voeding moet geven, gaan ze jaren mee.
Maar planten kosten ook veel tijd en energie!
Ze moeten water en voeding. Ze willen soms een grotere pot met alle rommel van dien. Ze moeten gesnoeid of gedeeld als ze hun pot uit groeien. Ze willen in de douche. Ze moeten verplaatst met het veranderende licht door seizoenen heen. Ze krijgen last van luizen of spint. Ze worden stoffig. Ze laten blaadjes los. De katten of de kinderen kauwen erop of graven ze uit. Ze worden soms minder mooi omdat ze raar groeien of blad verliezen. Ze staan maanden lang half te overlijden, wat slechte feng shui geeft.
Als planten je hobby zijn, heb je alle moeite er graag voor over. Voor velen van ons, zijn zulke dingen echter het zoveelste op een schijnbaar eindeloze to-do lijst.
Hoe veel tijd ben je kwijt aan het onderhouden van je planten? Is het het waard?
Een huis zonder planten is geen schande. Een ander huis voor ze zoeken waar ze wel de nodige TLC krijgen en of je beperken tot een paar niet dood te krijgen exemplaren evenmin.
Ik prefereer planten buitenshuis, die de natuur daar zelf heeft neergezet maar heb een paar makkelijke, onderhoudsarme planten als calathea’s en monstera’s. Echter, niet meer dan waar ik voor wil zorgen. Zo weten de planten dat ze de zorg krijgen die ze verdienen en voor mij blijven de planten een plezier, in plaats van dat ze een blok aan mijn been worden.
De term ‘loud budgetting’ hoorde ik van de week en ik vind het mooi. Het gaat erom dat je je grenzen aangaande je budget communiceert met de buitenwereld in plaats van dat je met tanden op elkaar meedoet aan wat iedereen vindt dat jij moet doen, financieel (en op zoek moet naar muntjes in de bank en statiegeld aan het einde van de maand)
Peer pressure de luxe
Hoe vaak worden we niet min of meer gedwongen door familie, vrienden en collega’s om mee te doen met een kerstcadeaus, sinterklaasgiften, over en weer ‘dat had je nou niet hoeven doen’ voor verjaardagen of doneren aan ‘de pot’ omdat de baas jarig is?
Of je even 80 euro wil betalen voor een babyshower? Een vrijgezellenfeestje? Kinderverjaardag? De rekening gelijk delen met vrienden die eten alsof ze een week niets gehad hebben terwijl jij alleen een voorgerecht neemt? Het weekendje weg met vriendinnen dat blijkbaar alleen leuk kan zijn in een luxe hotel?
Nah.
Dat alles terwijl we heel veel betere dingen met het geld kunnen doen, zoals kneiterdure basisboodschappen betalen, het huis op een aangename temperatuur houden, een hemelende wasmachine vervangen of de hypotheek aflossen?
Loud budgetting gaat om zeggen ‘nee helaas, ik heb op dit moment andere financiële prioriteiten’.
Of: ik kies ervoor om op dit moment mijn geld op een andere manier te besteden.
Of: ik ben bezig om mijn financiën op orde te krijgen zodat ik beter bestand ben tegen eventuele tegenslagen. Mocht de ruimte er weer komen, doe ik graag weer mee.
Maar minimalisme?
Minimalisme gaat niet alleen om minder spullen, het gaat ook om de dingen doen met je tijd en geld die jij belangrijk vindt. Dus: jezelf niet door anderen onder druk laten zetten om geld uit te geven aan dingen die niets bijdragen aan wat je belangrijk vindt.
Niet dat je egoïstisch moet zijn. Natuurlijk neem je een fles wijn mee voor de gastheer of denk je aan je lieve vriendin op haar verjaardag en wil je je neefje verrassen met een tof cadeau omdat het een leuk ventje is. Het gaat om al die andere dingen die we doen ‘omdat het kan’ tot het niet meer kan.
En er zitten meer mensen tot over hun oren in de schulden dan je zou denken.
Op is op
We hebben maar een beperkte hoeveelheid geld en een euro kunnen we maar eenmaal uitgeven. Dat dit zo is en dat we geen onbeperkte fondsen hebben, is iets dat we zonder schaamte kunnen duidelijk maken richting iedereen die meent dat we ergens aan zouden moeten bijdragen. (ja behalve de overheid)
Minderen
Je kan voorstellen aan familie om een klein cadeautje te doen, met een maximum bedrag (de mensen die toch willen uitpakken om een punt te maken, doen dat vooral). Om alleen voor de kinderen iets (nuttigs) te kopen. Je kan je vrienden voorstellen om op te houden met het doorgeven van cadeaubonnen en flessen drank aan elkaar met verjaardagen. Je kan besluiten om in plaats van een huisje te huren, te overnachten bij een van je vrienden. In plaats van cateren voor 20 man op een verjaardag en nutteloze cadeaus te ontvangen, vragen of iedereen een gerechtje mee wil nemen voor een potluck.
Inzicht in wat je verdient en uitgeeft is essentieel. Alleen op die manier kan je bepalen hoeveel geld je wil en kan gebruiken voor fratsen.
Toen ergens 2010 ernstig aan het aflossen waren, kwam de vraag of ik 150 euro wilde betalen voor een babyshower of vrijgezellenfeestje. Ehm, nee. Natuurlijk leverde dat scheve gezichten op maar sorry niet sorry, ik vind dat geen bedragenn. Ga zonder mij of verzin iets goedkopers als je me erbij wil hebben (liefst dat eerste :D) oh waarom heb ik toch geen vrienden
Je moet wat anno 2025
Hoewel er destijds ook een recessie was, merkte je daar weinig van als je je baan behield. Nu is het wel anders, met een compleet gestoorde woning- en huurmarkt, boodschappen die in een paar jaar 40% duurder zijn geworden, energieprijzen die de hemel in gegaan zijn en een loon dat al die gestegen kosten niet eens begint te dekken.
Wie niet goed oplet en zijn zaken nu niet op orde maakt, kan voor vervelende verrassingen komen te staan. Nu is een goede tijd om financieel gezien je huis op orde te maken en het is een goed idee om duidelijk kenbaar te maken dat dat betekent dat het rondsmijten van geld voor cadeaus en allerlei luxe, niet meer in je uitgavenpatroon past.
Grote kans dat je nu, in tegenstelling tot een paar jaar geleden, bijval krijgt van meerdere mensen. En zo niet dan niet. Het is jouw leven en jouw geld. Dat je krap bij kas zit of je geld wil uitgeven aan verstandiger zaken, is alleen maar te prijzen.
Je kan allerlei regels verzinnen voor je spullen. Heb ik het de afgelopen x maanden gebruikt of ga ik het binnen x maanden gebruiken? Kan ik makkelijk een vervanging kopen voor weinig? Als morgen de wereld instort, ben ik dan blij dat ik dit ding nog heb? Zou mijn tante opstaan uit haar graf als ik haar servies naar de kringloop bracht? Is het de norm dat ik dit tot in lengte van dagen met me meesjouw?
Het is allemaal zo persoonlijk en we kunnen het zo ingewikkeld maken maar dat is nu precies niet het punt van een minimalistische levensstijl. Een simpele regel werkt het beste. Voor mij is dat: helpt dit ding me om het leven te leven dat ik wil leven?
In haar boek ‘Lightly’ zegt Francine Jay dat ze precies dat woord gebruikt om te bepalen of dingen een plaats verdienen in haar leven. Maakt het het leven lichter? Een schaar maakt het leven lichter, drie scharen niet. Een extra paar schoenen is goed om te hebben, zes paar zijn dat niet. Een kleine doos met dierbare herinneringen is een gekoesterd bezit, acht dozen vol met oude brieven, kerstkaarten, mottige babykleertjes, kapot speelgoed en oude boekjes is dat vermoedelijk niet.
Een leven dat niet draait om bezittingen, dat niet wordt verzwaard maar veraangenaamd door de spullen die ik heb en een beste dosis non-attachment geeft mij lichtheid en plezier in het leven die ik nooit zal vinden als ik meer spullen toevoeg.
Het is heel simpel. Dragen plakboeken van de kleuterschool, loodzware (letterlijk en figuurlijk) fotoalbums, gelezen boeken, ongebruikt serviesgoed en sierkussens bij aan het leven dat ik wil leven? Voor mij niet, dus ik heb er geen problemen mee ze te laten gaan. Voor een ander zijn fotoalbums of een geërfd servies juist het laatste dingen die het huis zouden verlaten.
Blijf bij jezelf. Laat je niet leiden door conventies (of door anderen) als het gaat om wat je wel en niet in je leven houd. Van dingen wegdoen om het wegdoen krijg je spijt en dingen houden omdat het zo hoort, maakt die dingen tot een zware last en het leven is te kort daarvoor.